Nadat we vorige week de eerste tuinbonen invroren, waren we gisteren toe aan de tweede lading. Met de ervaringen van vorige week in ons achterhoofd, gingen we dit keer net iets anders te werk. Wat tips en trucs voor het invriezen van tuinbonen!

De tuinbonen van vorige week: de "gewone" variant.
De tuinbonen van vorige week: de “gewone” variant.

1. Blancheer de tuinbonen in een grote pan kokend water. Vorige week gebruikten we eigenlijk een te klein pannetje waar niet zo veel water in past. Als je de net gewassen tuinbonen in het kokende water mikt, duurt het best weer een tijdje voor het water opnieuw kookt. Je kan twee dingen doen om dit te voorkomen: gebruik een grotere pan waar veel meer water in past of gooi steeds maar een kleine hoeveelheid tuinbonen in het borrelende water. Mijn voorkeur gaat uit naar de eerste optie want met een flinke tuinbonen oogst ben je anders een eeuwigheid bezig met blancheren, afspoelen, uitlekken en invriezen.

2. Spoel de net geblancheerde tuinbonen eerst af onder de koude kraan. In eerste instantie dompelden we de hete tuinbonen onder in een ijsbadje van water met ijsklontjes. De tuinbonen hebben tijdens het blancheren echter zoveel warmte in zich opgenomen, dat het ijskoude water al gauw lauw, zelfs bijna warm, werd. Kortom, eerst afspoelen en pas nadat de tuinbonen al flink zijn afgekoeld, onderdompelen in ijskoud water.

Dit weekend zijn de rode tuinbonen aan de beurt om geoogst en ingevroren te worden.
Dit weekend zijn de rode tuinbonen aan de beurt om geoogst en ingevroren te worden.

3. Droog de tuinbonen af voor je ze invriest. Het hele idee van een flinke bak tuinbonen invriezen, is wat mij betreft dat je elk keer dat je tuinbonen wilt eten een paar bonen uit de bak kunt schudden. Je hoeft dus niet steeds een hele bak op te eten maar kunt elke keer doseren hoeveel je wilt. Als je de tuinbonen niet afdroogt, zullen ze in de vriezer allemaal aan elkaar vast vriezen. Doseren wordt daardoor haast onmogelijk. Als je de tuinbonen eerst een beetje droogdept met een schone theedoek of keukenpapier, zullen de bonen niet (of in ieder geval veel minder snel) aan elkaar vastvriezen.

4. Leg de tuinbonen eventueel eerst op een droge theedoek in een lege vriezerlade. Op deze manier liggen de boontjes los van elkaar tijdens het invriezen waardoor de kans nog kleiner is dat de boontjes aan elkaar vast komen te zitten. Als de boontjes bevroren zijn, kan je ze met z’n allen in een grote plastic bak of in diepvrieszakjes invriezen. Op deze manier kan je later, als je de tuinbonen wilt gaan eten, heel gemakkelijk doseren hoeveel tuinbonen je wilt ontdooien.

En tenslotte: vries niet alles in. Na al het oogsten, doppen, wassen, blancheren, droogdeppen en invriezen, heb je zeker een maaltje verse tuinbonen verdiend! Eet smakelijk!