Droogbonen is een verzamelnaam voor bonensoorten waarvan niet de peul maar de gedroogde boon wordt gegeten. Denk hierbij aan bruine bonen, kidneybonen, Borlotti bonen en cannellini bonen. De wijze van  zaaien, verzorgen, oogsten en bewaren komt grotendeels overeen voor deze bonensoorten. Vandaar dat ze hier als een groep worden besproken.

Groeiwijze

IMG_5901

Net als de meeste andere bonen, houden droogbonen over het algemeen van lekker warm zomerweer. Bij koud en nat weer zullen de net gezaaide bonen gemakkelijk verrotten. Kortom, bonen worden over het algemeen pas vanaf half mei gezaaid. Mocht het tegen die tijd nog koud zijn dan kan het absoluut geen kwaad om het zaaien nog even uit te stellen.

Bij relatief hoge temperaturen en weinig regen, zullen de bonen gemakkelijk opkomen. Bij natte weersomstandigheden komt soms een deel van de gezaaide bonen niet op, ten gevolge van rotting. Uit elk zaadje ontstaat een klein plantje dat in eerste instantie twee blaadjes heeft. De kenmerkende vorm van bonenblad is al gauw herkenbaar.

Vooral bij warm weer groeien bonenplanten erg vlot. De planten zullen al gauw gaan bloeien, waarbij de kleur van de bloei afhangt van de soort en het ras bonen dat je hebt gezaaid. Insecten zullen voor bestuiving zorgen en als het goed is, ontstaat ter plaatse van elk bloemetje een kleine peul. Deze peul wordt in eerste instantie vooral langer. In elke peul ontstaat een rijtje boontjes. Deze boontjes worden geleidelijk dikker waardoor ook de dikte van de peulen geleidelijk zal toenemen.

Als de peulen beginnen te verdorren, kunnen ze geoogst worden. Na het oogsten zal het nodig zijn om de peulen nog verder te laten drogen. Als de peulen door en door droog zijn, kunnen de bonen uit de peulen worden gehaald. Deze bonen zijn vervolgens nog maandenlang houdbaar.

Soorten & Rassen

Er zijn talloze bonensoorten die onder de droogbonen vallen. Zelf hebben we onderstaande rassen gekweekt:

  • DSC_0971Borlotti bonen, ook wel Kievitsbonen genoemd: kleurrijke bonen met een prachtige roze-paarse tekening op een witte achtergrond. De bonen kunnen zowel vers als gedroogd gegeten worden. Ze worden vooral in de Italiaanse keuken gebruikt maar kunnen in Nederland tegenwoordig ook gekocht worden bij de betere groenteboer. Wel tegen de hoofdprijs, terwijl ze uit eigen tuin vrijwel gratis zijn!
  • Cannellini bonen: net als bovenstaande boon een topper uit de Italiaanse keuken. Een witte boon die leuk is om eens te proberen.
  • Kidney bonen: lekkere bonen die ook in het Nederlandse klimaat prima groeien.
  • Bruine bonen: geinig om eens te proberen maar het rendement is vrij laag, zeker als je ziet wat een kilo bruine bonen kost.

Voorbereiding

De eerste stap is: bedenken of het de moeite waard is om droogbonen in je moestuin te zetten. De planten nemen relatief veel ruimte in vergeleken met hun opbrengst. Droogbonen zijn, met uitzondering van de borlotti bonen, bovendien erg goedkoop. Als je een hoog rendement van je stuk grond met peulgewassen wilt, kan je beter voor sperziebonen of haricots verts gaan.

Verder werkt het zaaien precies hetzelfde als bij de sperziebonen en haricots verts. Maak het bovenste laagje van de grond los en onkruidvrij. Bemesten is niet nodig, zoals bij de meeste peulvruchten.

Zaaien & Planten

IMG_5253
Beetje overdreven is het wel: bonen voorzaaien. Bij slecht weer en een gebrek aan geduld, is het een uitkomst. Direct in de volle grond zaaien scheelt echter veel werk!

Zaaien in volle grond is de makkelijkste optie. Bij warm en droog weer zullen de bonen binnen enkele dagen opkomen. De manier van zaaien is identiek als bij de sperziebonen. De bonen worden in rijtjes gezaaid, waarbij er twee verschillende opties zijn:

  • Om de 8 tot  10 cm een enkele boon zaaien. Op deze manier ontstaat er een rij van individuele bonenplantjes.
  • Om de 20 tot 30 cm een groepje van 3 boontjes bij elkaar zaaien. Op deze manier ontstaan er een soort struikjes van bonen.

De zaaidiepte is ongeveer gelijk aan de grootte van de bonen, al is het niet erg als ze iets dieper onder de grond terecht komen. Druk de bonen stevig in de grond. Dit zorgt ervoor dat de bonen gemakkelijker ontkiemen en dus sneller opkomen.

IMG_5156

Voorzaaien en uitplanten is de tweede optie, die meer tijd in beslag neemt maar wel uitkomst biedt als het weer vanaf half mei tegenzit. Gebruik hiervoor zaaitrays en zaai in elk potje een boon. Zet de hele tray in een bak met een klein laagje water zodat de potgrond zelf kan bepalen hoeveel water er wordt opgenomen. Te natte grond is funest voor bonen.

De bonen zullen, zeker binnenshuis, snel opkomen en kunnen binnen een a maximaal twee weken worden uitgeplant in de moestuin. Het is wel aan te raden om de plantjes eerst een paar dagen te laten afharden, mocht de temperatuur buiten veel lager liggen dan binnenshuis.

Verzorgen

IMG_5511
Jonge bonenplantjes: de grond is nu nog zichtbaar tussen de individuele plantjes. Over enkele weken zullen de bonen het hele landje bedekken.

Net na het zaaien van de boontjes, is het even afwachten. Afhankelijk van de weersomstandigheden zullen de boontjes vrij snel opkomen ook ook al gauw herkenbaar zijn aan hun kenmerkende bonenblad. Vanaf dit moment kan je onkruid wieden tussen de bonenplantjes.

Bij warm weer zullen de bonenplantjes erg snel groeien en is het al gauw niet meer nodig om onkruid te wieden. De bladeren houden het zonlicht namelijk tegen waardoor onkruidplantjes weinig kans krijgen om uit te groeien.

Water geven is zelden nodig bij bonen. Enkel op zeer droge grond, zoals op zandgrond, kunnen de plantjes af en toe wat water gebruiken. Water geven verhoogt wel het risico op schimmelziektes dus beter wat spaarzaam met gieten dan teveel water geven.

Oogsten

Droogbonen zijn over het algemeen ongeveer 75 dagen na het zaaien klaar om geoogst te worden. Tijdens het moestuinseizoen zullen de peulen in eerste instantie vooral groter en dikker worden. Daarna begint de peul uit te drogen, waardoor de peul een soort leerachtig aspect krijgt.

Je kunt af en toe een peul openen om te kijken hoe groot de bonen inmiddels zijn. Als de peulen grotendeels zijn uitgedroogd én de bonen groot genoeg zijn, kunnen de planten stuk voor stuk uit de grond worden getrokken. Ze kunnen vervolgens onder een afdakje te drogen worden gehangen. Bij mooi weer leggen we de planten ook wel op de picknicktafel die in onze moestuin staan. Bij droog en zonnig weer zullen de planten en vooral de peulen snel uitdrogen.

Bij regenachtig weer wordt het risico op schimmels groter en kunnen de bonen eventueel binnenshuis verder drogen. We hebben wel eens een paar vierkante meter van de woonkamervloer bedekt met kranten. Op deze kranten lagen de peulen vervolgens te drogen. Niet bijzonder elegant maar het droogde wel snel.

DSC_1014
Ook pronkbonen kunnen gedroogd worden en als droogboon worden gegeten. Onder de pronkbonen liggen cannellini bonen.

De droge peulen nemen we mee naar huis, alwaar we de bonen stuk voor stuk uit de peul halen. Een hele klus maar ook wel leuk om te zien wat voor kleurrijke bonen er tevoorschijn komen. Bonen die zijn beschadigd of waar vraat in zit, kunnen met de resten van de peulen naar de composthoop worden gebracht.

Bewaren

Na het oogsten is het nodig om de bonen nog verder te laten drogen. Als de peulen door en door droog zijn, kunnen de bonen uit de peulen worden gehaald. De bonen hebben we vervolgens nog enige tijd op een groot dienblad laten liggen, zodat ook het laatste beetje vocht kan verdampen.

Als de bonen door en door droog zijn, zijn ze nog maandenlang houdbaar. Zelf bewaren we de bonen in potten in de voorraadkast.