Groeiwijze

De blauwe bes (Vaccinium corymbosum) is een relatief klein struikje dat winterhard is. De bloemetjes van de plant, die aan het einde van het voorjaar of begin van de zomer verschijnen, bestaan uit kleine witte klokjes. De planten zijn eenhuizig dus ze worden bestoven door insecten.

Het is in principe voldoende om een struik te houden, al doen sommige rassen het beter bij kruisbestuiving. Uit elk bloempje ontstaat een heerlijke zoete bes. Het moment van oogsten hangt af van welk ras bosbessen je in je moestuin hebt staan.

Soorten & rassen

Bosbesrassen kunnen op basis van verschillende eigenschappen worden uitgezocht. Zo kan de grootte van de bes meespelen bij het kiezen. Rassen die grote vruchten opleveren zijn onder andere Patriot, Elliot en Spartan.

Ook de oogsttijd is iets om op te letten. Van vroege rassen kan in juli al geoogst worden, terwijl van late rassen de vruchten pas in oktober rijp zijn. Je kunt er ook voor kiezen om meerdere rassen te planten; op deze manier kan de oogst gespreid worden.

Verder is het belangrijk om rekening te houden met de bestuivingsmethode. Sommige rassen (bijvoorbeeld Spartan) hebben kruisbestuiving nodig. Dit betekent in de praktijk dat je meerdere planten van verschillende rassen bij elkaar in de buurt moet planten zodat de planten bevrucht kunnen worden.

Tenslotte is ziekteresistentie van het ras iets om op te letten. De meeste bessenplanten hebben weinig last van ziektes maar vraag eventueel advies aan een kweker welk ras voor jouw situatie het meest geschikt is.

Voorbereiding

DSC_1605
De onrijpe blauwe bessen zijn nog groen tot lichtpaars van kleur. De blauw verkleuring volgt later.

De blauwe bes is vrij kieskeurig wat grondsoort betreft. In een tuin met zure, lichte (bos)grond zal het weinig moeite kosten om een mooie oogst te realiseren. Op zware kleigrond, daarentegen, zal de struik het een stuk minder naar haar zin hebben, slechter groeien en weinig vruchten geven.

Het is dus zaak om de grond zo te verbeteren dat de blauwe bes het beter naar haar zin zal hebben. Dit is makkelijker gezegd dan gedaan dus je kunt ook overwegen om de blauwe bes in een pot te planten. Op deze manier kan je geschikte potgrond gebruiken en zal het eenvoudiger zijn om een mooie oogst te realiseren. Gebruik potgrond voor zuurminnende planten en zet de pot in de zon of halfschaduw. Let wel op dat je voldoende water geeft, vooral als de planten vrucht dragen.

Als je de bosbes liever in je tuin plant, zijn er verschillende manieren om de structuur en de zuurtegraad van de bodem aan te passen. Ten eerste kan je een pot of kuip in je tuin ingraven, waarbij de rand eventueel een paar centimeter onder het grondoppervlak komt. De pot of kuip kan vervolgens gevuld worden met zure grond (bijvoorbeeld potgrond voor zuurminnende planten of een mengsel van potgrond en turf). Op deze manier zal de zure grond niet mengen met de rest van de grond. Maak wel voldoende gaten onderin de pot of kuip, anders kan het water niet weglopen.

Je kunt ook een grotere kuil graven dan de plant nodig heeft en deze kuil grotendeels vullen met zure grond. Op deze manier wordt een deel van de grond vervangen door geschiktere grond. Dit is veel werk; het is een flinke klus om grond af te graven en vervolgens weer te vullen met zure grond. Een tweede nadeel is dat de zure grond uiteindelijk zal vermengen met de rest van de grond uit de tuin.

Bij relatief lichte klei is het mogelijk om deze grond te vermengen met turf of zure grond. Hierbij is het niet zo belangrijk dat de grond in de diepte vermengd wordt, het gaat vooral om de bovenste lagen van de grond (in de breedte dus). Bosbessen wortelen namelijk vrij oppervlakkig.

Op zandgrond hebben blauwebessen het meestal vanzelf goed naar hun zin, er hoeft dus weinig aan de grond veranderd te worden. Wel kan je bij het planten wat potgrond of grond voor zuurminnende planten vermengen met de grond in het plantgat. Bemesting is het voorjaar is uiteraard wel nodig.

Planten

Vroege rassen worden in het najaar (september, oktober, november) geplant. De late rassen kunnen ook in het voorjaar (februari/maart) geplant worden.

Verzorgen

Zowel de vroege als de late rassen kunnen in het voorjaar, rond maart of april, een dosis mest gebruiken. Zelf geven wij de blauwe bessen wat oude stalmest. Er wordt geadviseerd om een meststof zonder kalk te gebruiken. Kalk maakt de grond namelijk minder zuur, terwijl bosbessen het juist goed doen op zure grond. In het tuincentrum is speciale blauwe bessenmest verkrijgbaar.

Snoeien doet de bosbessenplant goed. Hierbij worden beschadigde en zieke takken weggehaald. Snoei echter niet teveel weg, als je tussen de 4 en 8 takken overhoudt heb je volgend jaar weer een mooie oogst. Snoeien vindt in augustus of september plaats bij vroege rassen. Late rassen worden in februari of maart gesnoeid.

Bij droogte geven we de bosbessen, zeker als ze vrucht dragen, af en toe een gieter water. Zeker als de planten vruchten aan het vormen zijn, kunnen ze namelijk veel water gebruiken.

Oogsten

IMG_5992
Hier zie je duidelijk het verschil tussen rijpe bessen (blauw) en de onrijpe, lichtgekleurde bessen.

De oogsttijd hangt af van het ras. Vroege rassen kunnen in juli geoogst worden terwijl late rassen meestal pas in september of oktober klaar zijn. Pluk de bessen als ze rijp zijn. Een te vroeg geplukte bes is niet lekker zoet. Een te laat geoogste bes is daarentegen minder lang houdbaar.

Een rijpe blauwe bes is herkenbaar aan de blauwe kleur, waarbij de bessen een soort wittige waslaag hebben. De bessen zijn een beetje zacht als je er voorzichtig in knijpt.

Bewaren

We snoepen de bessen vaak tijdens het tuinieren op maar als je de bessen oogst en wilt bewaren, kunnen ze in de koelkast ongeveer een week goed blijven. De bessen kunnen ook prima ingevroren worden, al zijn ze na het ontdooien dan wel slap en lang niet zo mooi als verse bessen. De blauwe bes is ook geschikt om tot jam, sap of saus te verwerken.