Bij het oogsten van aalbessen van een struik moet je je vaak, gebukt of zittend op je knieën, in allerlei bochten wringen om de trosjes bessen te bereiken. De professionele fruitkweker heeft daar iets op bedacht: de aalbessen in een haag (of cordon) planten.

Op deze manier zijn alle takken van de struik gemakkelijk te bereiken en zijn de bessen dus veel makkelijker te oogsten! Wat zijn de voor- en nadelen van bessen in zo’n haagvorm, hoe worden de bessen geplant en bij welke andere bessensoorten kan deze manier van planten nog meer worden toegepast? Hoe gaat het na het planten in zijn werk? In dit artikel lees je er alles over.

Voordelen en nadelen van aalbessen in een haagvorm

De jonge bessenplanten in een haagvorm. Rondom de voet van de planten ligt gras: dit mulchmateriaal voorkomt verdamping en houdt onkruid tegen.
De jonge bessenplanten in een haagvorm. Rondom de voet van de planten ligt gras: dit mulchmateriaal voorkomt verdamping en houdt onkruid tegen.

Het planten van aalbessen in een haag heeft twee grote voordelen: het maakt het oogsten makkelijker en het levert grote bessen van hoge kwaliteit op.

Het oogsten wordt makkelijker doordat alle takken goed bereikbaar zijn, vanaf twee kanten. Je hoeft dus niet meer tussen andere takken door naar besjes op afstand te reiken maar kunt gewoon naast de haag gaan staan om de bessen te plukken.

Ook leveren bessen in een haagvorm fruit van hoge kwaliteit op: lange trossen met grote bessen, zoals je ze in de supermarkt ziet. In plaats van talloze mini-trosjes met mini-besjes (zoals bij grote struiken het geval kan zijn) levert een haag of cordon minder trossen op maar wel lange trossen met grote bessen.

Ook is het snoeien eenvoudiger dan bij bessenstruiken. Hierover later in het artikel meer.

De manier van planten heeft ook nadelen: je hebt meer planten nodig. Een normale bessenstruik neemt ten minste 1 vierkante meter in beslag, bij een haag worden de planten veel dichter op elkaar geplant. Daardoor heb je logischerwijs meer planten nodig om een haag te vormen. Als je zelf stekjes hebt, maakt dat weinig uit. Als je alle planten moet kopen, is het maken van een haag duurder dan het planten van een enkele struik.

Ook heb je bij een haag extra materiaal nodig, zoals palen, bamboestokken en draden om tussen de palen te spannen. Een bessenplant kiest graag haar eigen vorm dus bij het maken van een haag moeten de takken geleid worden met palen en draden. Een deel van dit materiaal kan je uit de natuur halen (zoals takken in plaats van palen uit de bouwmarkt) maar een deel zal je ook moeten aanschaffen.

Hoe worden de bessen geplant?

De planten worden langs een rechte lijn geplant. Afhankelijk van hoe lang de haag wordt, heb je twee of meerdere lange palen nodig van ten minste 2,5 meter lang. Met een grondboor worden deze een flink eind in de grond gezet zodat de palen stevig staan. De haag kan ongeveer 1,80 meter hoog worden. Als je de palen ongeveer een meter diep in de grond zet, heb je dus palen van 2,80 nodig. Je kan de haag uiteraard ook lager maken.

Een haag in aanbouw: de dikke hoofdpalen en de bessenplanten staan al in de grond. De verbindende draden en de bamboestokken moeten nog volgen.

Het idee is dat er om de 25 cm een bessentak omhoog gaat, zoals je op de foto hiernaast kunt zien. Als je planten hebt met twee mooie takken, worden deze op 50 cm afstand van elkaar geplant. Heb je stekken die één mooie hoofdtak hebben, plant ze dan om de 25 cm. Je kunt planten met maximaal 3 takken gebruiken. Het planten gaat hetzelfde als bij gewone bessenstruiken.

Elke tak krijgt na het planten een bamboestok ter ondersteuning. De bessentak wordt bijvoorbeeld met elektriciteitsdraad losjes aan de bamboestok gebonden. Elektriciteitsdraad is bij uitstek geschikt omdat deze door de plastic coating geen beschadigingen aan de plant veroorzaakt.

De bamboestokken worden met bijvoorbeeld gegalvaniseerde ijzerdraden aan de lange hoofdpalen verbonden. Zo staan de bessen vast aan een stevig hek waarlangs ze omhoog geleid kunnen worden.

Bij welke andere bessensoorten kan het planten in een haag nog meer worden toegepast?

Bij aalbessen levert het planten in een haagvorm veel voordelen op maar bij kruisbessen komt deze manier van planten misschien nog wel beter tot haar recht.

De gemene stekels van kruisbessen leveren vooral tijdens het oogsten pijnlijke krassen op, zeker als je tussen de wanorderlijke takken naar rijpe bessen reikt. Het is haast niet te doen om alle stekels in de gaten te houden tijdens het plukken. Kortom, vooral bij kruisbessen is een overzichtelijke plant met goed bereikbare takken erg prettig tijdens het oogsten.

Ook zwarte bessen kunnen in een haag worden geteeld.

Hoe gaat het verder na het planten?

De eerste 3 jaar zijn met name bedoeld om de bessenplanten te laten groeien. Het is dus wel een project waarvoor je geduld moet hebben…

Om de groei te stimuleren, is het slim om de bloei in het eerste jaar te verwijderen. Je kan de trosjes met bloemetjes gewoon van de plant af trekken, eventueel met hulp van wat scherpe nagels. Zo kan alle energie naar de groei van de hoofdtakken gaan in plaats van naar de bloei.

De hoofdtakken groeien in 3 jaar uit tot een hoogte van circa 1,80. Deze groei verloopt het best als de planten elk voorjaar worden voorzien van een flinke berg oude stalmest.

De hoofdtakken vormen de basis van de haag. Aan de hoofdtakken zullen elk jaar zijtakken ontstaan. Aan deze zijtakken vormen zich de bloemen en dus de aalbessen. Aalbessen ontstaan aan eenjarig hout. Dat wil zeggen: de trosjes met bessen ontspringen aan de takken die in het vorige moestuinseizoen zijn gegroeid. Samengevat werkt het zo:

  • De hoofdtak levert geen fruit op, alleen zijtakken.
  • De zijtakken die vorig jaar zijn gegroeid, leveren dit jaar fruit op.
  • De zijtakken die dit jaar ontstaan, zullen volgend jaar fruit geven.

Kortom, om elk jaar een bessenoogst te hebben, heb je zijtakken van vorig jaar nodig (voor de oogst van dit jaar) maar moet je ook nieuwe zijtakken bewaren (voor de oogst van volgend jaar).

Het snoeien gaat zo:

  • Na het oogsten worden alle eenjarige takken die fruit hebben gedragen weggeknipt.
  • Per hoofdtak blijven er maximaal 5 nieuwe zijtakken over. Dit zijn dus takken die het afgelopen seizoen zijn gegroeid en die volgend jaar bessen zullen dragen. De rest van de zijtakken wordt weggeknipt.

Op deze manier wordt vrijwel de gehele plant elk jaar vernieuwd: alleen de hoofdtakken blijven jaar na jaar hetzelfde, de zijtakken worden elk jaar vervangen door nieuwe zijtakken.