Een fikse verkoudheid, nachtenlang kuchen en dan ook nog continu regenachtig weer. Ik heb de moestuin even links laten liggen. Maar gisteren zijn we weer vol goede moed begonnen. Met bramen plukken, that is.

De vruchtjes hebben wekenlang in de regen gehangen maar toch is het  grootste deel dapper blijven hangen. Klaar om door ons geplukt te worden in een van onze vele oogstemmertjes. Stuk voor stuk plukten we de bramen, al hebben we dit keer niet heel erg opgelet of de bramen wel los genoeg zaten. Met het doel om jam te maken in ons achterhoofd, maakte het niet zoveel uit of alle vruchten rijp en zoet waren. Een lading geleisuiker maakt veel goed en misschien is een klein zuurtje juist wel lekker bij al die zoetigheid.

IMG_6177Vanavond hebben we de zorgvuldig bewaarde glazen potjes in een pan met water schoon gekookt. Ondertussen hebben we ook de bramen gewassen en samen met geleisuiker in een pan verwarmd. De zwarte vruchten werden eerst een beetje donkerrood, vervolgens vielen ze stuk voor stuk geleidelijk uit elkaar en tenslotte bleef er een donkerpaars stroperig mengsel over. Ondertussen steeg er een zoete, warme damp op uit de pan…

Het doel met jam is om zo schoon mogelijk te werken maar juist op het laatste moment gaat het altijd mis, namelijk bij het vullen van de potjes. Hoe voorzichtig we ook zijn met onze kleine potjes en de juslepel, er gaat altijd wel iets naast. De ovenhandschoenen kunnen, kortom, direct de wasmand in.

Inmiddels staan de potjes op hun kop af te koelen zodat we morgenochtend onze eerste bramenjam van het seizoen kunnen proeven. De smaak en geur van nazomer en dat al op de vroege ochtend. Zin in!